Het capaciteitsdilemma van VvE’s
Vooral veel oudere VvE’s betalen ongemerkt duizenden euro’s per jaar aan netcapaciteit die zij nauwelijks gebruiken. Tegelijkertijd is het vanwege netcongestie onzeker of er in de toekomst wel op tijd of überhaupt voldoende capaciteit beschikbaar is, bijvoorbeeld voor laadpalen. Daardoor ontstaat voor veel VvE’s een dilemma. Is het verstandig om nu te besparen op vaste netkosten door capaciteit op te geven, of blijkt die later alsnog nodig?
Vooral bij oudere gebouwen vragen centrale installaties zoals liften, ventilatie of garageverlichting relatief veel piekvermogen. Daarvoor zijn destijds zware aansluitingen aangelegd. Soms zijn er zelfs meerdere aansluitingen naast elkaar blijven bestaan, die maar beperkt benut worden. Daar hangen hoge vaste netkosten aan vast, soms wel duizenden euro’s per jaar.
Lange tijd was het daarom logisch om te kijken of een aansluiting bij de netbeheerder kon worden verlaagd naar een lager vermogen om kosten te besparen. De netaansluiting wordt dan niet fysiek aangepast, maar de contractwaarde wordt teruggeschroefd van bijvoorbeeld 3x80A naar 3x65A. Het is nog altijd een goed idee om de capaciteitsbehoefte van de VvE tegen het licht te houden, maar die keuze is minder vanzelfsprekend geworden nu netbeheerders in veel regio’s extra capaciteit niet meer kunnen garanderen.
“Wij komen regelmatig VvE’s tegen met meerdere zwaar afgezekerde aansluitingen naast elkaar,” zegt Arian van Walbeek van VVE Laadloket. “Dat betekent dat er meer vermogen beschikbaar is dan op dat moment nodig is, terwijl de VvE daar wel vaste netkosten voor betaalt. Alleen al het vastrecht van een 3x80A-aansluiting kan richting de € 5.000 per jaar gaan In sommige gevallen lopen die kosten daardoor jaarlijks op tot ruim € 20.000.”
Het lijkt dan financieel aantrekkelijk om een aansluiting te verlagen of enkele aansluitingen af te sluiten. Tegelijkertijd neemt het aantal elektrische auto’s dat in Nederland rondrijdt snel toe. Daarmee groeit ook bij VvE’s de vraag naar laadvoorzieningen en neemt de stroomvraag binnen gebouwen sowieso verder toe.
“Veel VvE’s weten zelf niet precies hoeveel capaciteit zij nu gebruiken, maar ook niet hoeveel zij over een paar jaar nodig hebben,” zegt Van Walbeek. “Daardoor bestaat het risico dat een VvE nu contractwaarde verlaagt om kosten te besparen, terwijl later alsnog extra vermogen nodig blijkt.”

Bij het verlagen van capaciteit wordt de netaansluiting meestal niet fysiek aangepast. In veel gevallen gaat het om het verlagen van de contractwaarde: het administratief afgesproken maximale vermogen van een aansluiting.
Het later opnieuw verhogen van die contractwaarde is iets anders dan het fysiek verzwaren van een aansluiting. Toch blijft een VvE daarbij afhankelijk van beschikbare netcapaciteit. In congestiegebieden bestaat daardoor het risico dat een verzoek tot verhoging niet direct kan worden gehonoreerd.
De vraag hoeveel capaciteit een VvE in de toekomst nodig heeft wordt dus steeds relevanter. VVE Laadloket maakt in hun adviestraject om die reden gebruik van een toekomstbeeld. Dat komt tot stand met enquêtes onder bewoners. Op basis daarvan wordt gekeken hoeveel laadpunten in de toekomst waarschijnlijk nodig zijn en of de bestaande aansluiting daarbij past.
Er is nog een goede reden om hier goed over na te denken. De aankomende notificatieregeling maakt het onder voorwaarden mogelijk dat bewoners zelf laadpunten realiseren wanneer een collectieve oplossing uitblijft. VvE’s die de situatie afwachten hebben straks mogelijk minder grip op hoe laadinfrastructuur binnen een gebouw wordt ingericht.
“Juist daarom is het belangrijk om als VvE op tijd collectieve keuzes te maken,” zegt Van Walbeek. “Wanneer bewoners afzonderlijk laadpunten gaan realiseren heeft dat gevolgen voor uitbreiding, kosten en de technische inrichting van de laadinfrastructuur. Het wordt dan ook veel lastiger om capaciteit binnen een gebouw efficiënt te verdelen.”